Modellen / 08 april 2025 Wat houdt de CO₂-Prestatieladder 4.0 in? De CO₂-Prestatieladder versie 4.0 is hét duurzaamheidsinstrument dat jouw organisatie helpt CO₂-uitstoot te verminderen. Met de komst van de Omgevingswet is op 14 januari 2025 versie 4.0 gepubliceerd. Deze versie sluit beter aan bij wat er anno nu van jou als organisatie wordt gevraagd in de aanpak van uitstootvermindering. Het CO2-prestatieladder systeem versie 4.0 De CO2-Prestatieladder versie 4.0 kent drie treden, oplopend van 1 naar 3. Voor elke trede is een handboek beschikbaar met daarin de gestelde eisen aan de energie- en CO2-Prestatieladder van je organisatie en projecten. Versie 4.0 van de CO2-Prestatieladder legt een sterkere nadruk op: Betere datamonitoring: Nauwkeurige en continue monitoring van CO2-emissies om de effectiviteit van reductiemaatregelen te evalueren en bij te sturen. Aansluiting op internationale normen: Afstemming van het klimaatbeleid op internationale richtlijnen, zoals de klimaatdoelen van het Klimaatakkoord van Parijs en de Corporate Sustainability Reporting Directive (CSRD). Continue verbetering: de ladder vraagt van organisaties structureel reductie van CO2 uitstoot teweeg te brengen. Verbinding aan ISO normen Ten opzichte van het handboek 3.1 is het handboek 4.0 beter te verbinden met de internationale managementsystemen (ISO). De CO2 prestatieladder bestaat uit twee delen. Het eerste deel is herkenbaar uit de opzet van de ISO en vraagt van organisaties om de context van de organisatie, leiderschap, planning, ondersteuning, evaluatie en verbetering op te zetten en te implementeren in de organisatie. Dit eerste deel van de ladder is gelijk voor alle treden van de CO2 prestatieladder. De treden op de CO2-prestatieladder versie 4.0 Het tweede deel van het handboek bestaat uit de verschillende treden van de ladder. Elke trede heeft haar eigen eisen voor de vier invalshoeken (Inzicht, Reductie, Transparantie en Participatie) met als doel om organisaties te stimuleren hun CO2-uitstoot systematisch te verminderen. Door de CO2 reductie te benaderen vanuit het principe van continue verbetering binnen de verschillende invalshoeken, klim je op de CO2-Prestatieladder. Hoe hoger je komt, hoe meer ambitie en reductie de ladder vraagt van de organisatie. Daarbij draag je bij aan CO2 reductie bij jezelf en binnen de keten! Daarnaast is de CO2-Prestatieladder door zowel het IPCC (International Panel on Climate Change), de OESO (Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling) als het WEF (World Economic Forum) erkend als een ‘GPP best practice’. CO2-Prestatieladder van 3.1 naar 4.0 De toepassing van de verschillende invalshoeken Inzicht De invalshoek inzicht vereist dat organisaties hun verbruik en bijbehorende emissies (kwantitatief) inzichtelijk maken. Inzicht in het verbruik wordt verlangd volgens de principes van ISO 50001 (energiemanagement), waarbij energiestromen en reductiepotenties worden geïdentificeerd. De bijbehorende emissies worden in kaart gebracht op basis van het GHG-protocol, met gebruik van de meest actuele emissiefactoren. Voor certificering op een hogere trede is inzicht nodig in de impact van organisatieactiviteiten op de CO2-uitstoot. Daarnaast wordt gevraagd om een analyse van de waardeketen(s) en mogelijke strategieën om de scope 1- tot en met scope 3-emissies op de middellange en lange termijn te reduceren. Het uiteindelijke doel is om in 2050 netto nul CO2-uitstoot te bereiken Reductie De invalshoek reductie richt zich op het structureel verlagen van de CO2-uitstoot binnen organisaties. Binnen de CO2-Prestatieladder 4.0 wordt reductie beoordeeld op basis van meetbare doelen. Voor de eerste trede worden de reductiedoelstellingen vastgelegd in een plan van aanpak welke voortkomen uit de uitgevoerde energiebeoordeling. Vanaf trede twee vraagt de ladder om een klimaattransitieplan. In dit plan zijn voorbereidende acties, maatregelen en doelstelling(en) voor de middellange of lange termijn beschreven. Hoe hoger je gecertificeerd bent, hoe meer de ladder vraagt om de gestelde reductiedoelstellingen te behalen. Communicatie De invalshoek communicatie richt zich op transparantie en betrokkenheid bij de reductie van CO2-uitstoot. Voor trede 1 betekent dit dat binnen de organisatie sleutelpersonen aantoonbaar op de hoogte zijn van het CO2-beleid, en de organisatie periodiek interne en externe belanghebbenden informeert over haar CO2-uitstoot en reductiedoelen. Voor certificering op trede 2 en trede 3 moet de organisatie een gestructureerd communicatieplan opstellen en uitvoeren. Dit plan omvat niet alleen de communicatie over CO2-uitstoot en reductiedoelen, maar ook de voortgang van het klimaattransitieplan. Hoe hoger de certificering, hoe groter de verwachting dat de organisatie haar communicatie transparanter maakt en actief de dialoog aangaat met stakeholders om gezamenlijk de reductiedoelen te realiseren. Participatie De invalshoek participatie richt zich op de actieve betrokkenheid van medewerkers en belanghebbenden bij het realiseren van CO2-reductiedoelstellingen. Voor trede 1 wordt van de organisatie verwacht dat zij analyseert en inventariseert hoe zij invulling kan geven aan de kennis- en samenwerkingsbehoefte binnen de organisatie. Voor trede 2 en trede 3 moet de organisatie de kennis- en samenwerkingsbehoefte verbinden aan het opgestelde klimaattransitieplan. Ook vereist de ladder vanaf trede 2 dat de organisatie met één of meer externe organisaties een samenwerking aangaat om invulling te geven aan deze behoeften. Op trede 2 of trede 3 is de eis dat organisaties actief in gesprek gaan met relevante externe organisaties over haar klimaattransitieplan en de voortgang van de implementatie daarvan. Op deze manier bewaakt de organisatie haar plannen en voortgang zowel intern als extern. Gecertificeerde organisaties: Gecertificeerde organisaties kunnen vanaf juli 2025 kiezen voor audits op basis van Handboek 4.0 en moeten uiterlijk bij hun eerste audit na januari 2027 volledig overstappen. Rowin Reininga Adviseur Milieu Jaap van de Sande Adviseur Energietransitie Deel dit artikel