Videos / 29 januari 2026 Terugkijken webinar: CO₂-Prestatieladder 4.0 Accepteer marketing-cookies om de video te laden. Download hier de presentatie van dit webinar (PDF). Je bekijkt een webinar dat live is uitgezonden op 29 januari 2026. Veelgestelde vragen Als je CSRD-plichtig bent en al SBTi-gevalideerde doelen hebt, wat is dan nog de toegevoegde waarde van Handboek 4 / de CO₂-Prestatieladder? Ook als je als organisatie al CSRD-plichtig bent en SBTi-gevalideerde doelen hebt, kan de CO₂-Prestatieladder (Handboek 4) nog duidelijke toegevoegde waarde hebben. De ladder helpt namelijk om klimaatbeleid niet alleen te onderbouwen met doelen en cijfers, maar ook aantoonbaar te borgen in de organisatie met concrete maatregelen, communicatie en een structurele verbetercyclus. Daarnaast wordt de CO₂-Prestatieladder in veel aanbestedingen gevraagd of beloond, waardoor certificering direct strategische voordelen kan opleveren. Omdat Handboek 4 inhoudelijk aansluit op klimaatrapportage (zoals ESRS E1), kan het bovendien helpen om CSRD-eisen praktisch te organiseren en beter aantoonbaar te maken. Hoeveel audit-inspanning kost trede 1 (intern én extern)? Zijn er vaste aantallen auditdagen? Voor trede 1 zijn geen vaste aantallen auditdagen voorgeschreven. Handboek 4 stelt dat er een interne audit uitgevoerd moet worden, maar noemt daarbij geen minimumaantal auditdagen. Ook de externe audit wordt jaarlijks uitgevoerd en duurt in de praktijk vaak één dag, tenzij de omvang van de organisatie of de complexiteit van het CO₂-managementsysteem meer tijd vraagt. De uiteindelijke audit-inspanning hangt vooral af van factoren zoals het aantal locaties, de hoeveelheid data die verzameld moet worden en de mate waarin processen en emissie-inzichten al zijn ingericht. Wat wordt verstaan onder ‘directe relaties’ in de waardeketen en wat is daarin verplicht? Met ‘directe relaties’ worden organisaties in de waardeketen bedoeld waarmee je een contractuele relatie hebt. Dit zijn bijvoorbeeld leveranciers, dienstverleners, (onder)aannemers of klanten waar je direct zaken mee doet. Het uitgangspunt is dat je bij directe relaties sneller invloed kunt uitoefenen en afspraken kunt maken, omdat er een formele samenwerking bestaat. Welke acties of verplichtingen hier precies bij horen, hangt af van de betreffende eis uit het handboek, maar de term ‘directe relaties’ gaat dus specifiek over partijen waarmee je rechtstreeks verbonden bent via een contract. Hoeveel sleutelpersonen moet je minimaal hebben? Volgens Handboek 4 moet minimaal één sleutelpersoon worden aangewezen die verantwoordelijk is voor het toepassen en borgen van het CO₂-managementsysteem. Het handboek schrijft niet exact voor hoeveel sleutelpersonen passend zijn bij een bepaalde organisatiegrootte. In de praktijk kan het bij grotere organisaties, meerdere locaties of een bredere scope noodzakelijk zijn om meerdere sleutelpersonen aan te wijzen, zodat taken zoals dataverzameling, uitvoering van maatregelen en interne afstemming goed belegd zijn. Wij adviseren om altijd meerdere sleutelpersonen aan te wijzen binnen de organisatie. Rollen die vaak binnen de organisatie naar voren komen zijn: CO2-coördinator, databeheerder, directievertegenwoordiger, technisch verantwoordelijke, inkoop, communicatie, etc. Hoe bepaal je ‘belangrijke activiteiten’ zonder dat je tientallen waardeketenanalyses moet maken? Een waardeketen stel je op door eerst je belangrijkste upstream-relaties (leveranciers) en downstream relaties (klanten) in kaart te brengen. Je selecteert daarbij partijen die samen minimaal 80 van je totale uitgaven (upstream) en 80% van je inkomsten (downstream) vertegenwoordigen. Vervolgens kies je uit beide overzichten de belangrijkste directe relaties die samen minstens 50% van de financiële waarde vertegenwoordigen. Dit zijn je belangrijkste directe relaties. Deze vormen de kern van je waardeketen en zijn het meest relevant voor analyse, dialoog en samenwerking. Sara Fliervoet Adviseur Duurzaamheid Roy Martherus Adviseur Milieu & Omgeving en Energie Deel dit artikel